Noten leren lezen | Cursus § 15: Voortekens

logo noten-leren-lezen.nl

§ 15: Voortekens

Ik kan elke stamtoon op de notenbalk met een halve toonsafstand verhogen of verlagen. Dit wordt aangegeven d.m.v. de VOORTEKENS, waarvan 2 soorten bestaan:

  1. KRUISEN (kruis)
  2. MOLLEN (mol)

Een kruis VERHOOGT een noot met ½ toonsafstand.
We noteren het kruis VOOR de noot, en die noot krijgt dan in zijn naam de uitgang “-is” erbij (spreek uit als “-ies”).
Een G met een kruis ervoor wordt zodoende Gis, A wordt Ais, B wordt Bis, C wordt Cis, D wordt Dis, E wordt Eïs, en F wordt Fis.

Een mol VERLAAGT een noot met ½ toonsafstand.
We noteren de mol ook voor de noot, en die noot krijgt dan in zijn naam de uitgang “-es” erbij.
Een B met een mol ervoor wordt zodoende Bes, C wordt Ces, D wordt Des, E wordt Es, F wordt Fes, G wordt Ges, en A wordt As.

Als een mol of kruis voor een noot staat, dan geldt de verhoging of verlaging voor de hele maat waarin die noot voorkomt, tenzij ze ongedaan gemaakt wordt d.m.v. het HERSTELLINGSTEKEN. (herstellingsteken)

Een noot kan ook 2 keer met een halve toonsafstand verlaagd worden door een DUBBELMOL (dubbelmol), of 2 keer verhoogd door een DUBBELKRUIS (dubbelkruis). Dit komt -zeker in vocale muziek- niet vaak voor.
Een noot met een dubbelmol krijgt de uitgang “-eses”. Een dubbelverlaagde B wordt dan bv. Beses.
Een noot met een dubbelkruis krijgt de uitgang “-isis”. Een dubbelverhoogde F wordt dan bv. Fisis.


Opmerking(en):
Het woord “moll” komt van het italiaanse “molle”, wat “zacht” betekent. Verlagingen van noten werden blijkbaar ervaren als zacht, omfloerst of donker. Terwijl verhogingen als hard, scherp, licht werden ervaren. In het Engels heet een kruis dan ook “sharp”, en in het Duits “Dur”, wat van het latijnse woord voor hard (“durum”) komt.

 

Laatste update: 6 mei 2008 | © 2008 noten-leren-lezen.nl

decoration2